Borstkanker en hormoontherapie

Vrouwen die na de overgang een hormooncombinatie van oestrogeen en progestin krijgen voorgeschreven, hebben een verhoogde kans op borstkanker. Bovendien gaat het vaker om een vorm van borstkanker die pas later wordt vastgesteld en waarbij uitzaaiing naar de lymfeklieren plaatsvindt. Het risico om aan borstkanker te overlijden is dan ook verhoogd.

 

Voor het onderzoek zijn bijna 13.000 vrouwen gemiddeld 7.9 jaar gevolgd. De vrouwen kregen een combinatie van oestrogeen met medroxyprogesteron-acetaat, of een placebo-pil.

Van de groep vrouwen die hormoontherapie kregen, kregen 385 borstkanker, waaraan 25 vrouwen overleden (0.42% per jaar c.q. 0.03% per jaar).

Van de groep vrouwen die de placebo-pillen kregen, kregen 293 vrouwen borstkanker, waaraan 12 vrouwen overleden (0.34% per jaar c.q. 0.01% per jaar).

Bij de vrouwen die hormoontherapie ontvingen bleek het vaker om een vorm van borstkanker te gaan die pas gediagnosticeerd wordt als de kanker zich al verder ontwikkeld heeft; ook waren er meer uitzaaiingen naar de lymfeklieren (23.7% versus 16.2% bij de groep vrouwen die placebo-pillen hadden gekregen).

 

Het onderzoek is gepubliceerd in JAMA, het gezaghebbende Journal of the American Medical Association.

Het begeleidende commentaar waarschuwt tegen het gebruik van hormoontherapie om overgangsklachten te verlichten: er is nog te weinig bekend over de resultaten op lange termijn.

 

Links:

- Samenvatting van het artikel op ScienceDaily

- Samenvatting van het artikel op JAMA, Journal of the American Medical Association